Meer columns

Huilhonden

Terwijl onze koning spelevaart in zijn speedbootje van 2 miljoen euro kijk ik naar de jongen die een veel te zware grasmaaier door de Italiaanse hoteltuin duwt. Het is 37 graden en hij heeft het overduidelijk zwaar. Zo hebben we allemaal wat.

Neem de honden van de buren van dit hotel die vanaf half zes ’s morgens hartverscheurend kermen. Dat houden ze elke dag uren vol. Tot alle kamers klaarwakker zijn. Waarom? Geen idee. Misschien hun zware jeugd? Stenen gesjouwd in Zuid-India? Als pirouettehondje in een derderangs Hongaars circus gewerkt? Zwerfhondje in een winters Reykjavik geweest?

Volgens mijn vrouw zijn het reïncarnaties van internationale turnsters, die zich in een vorig leven vanaf hun vierde staande moesten houden op een wankele evenwichtsbalk. En ondertussen uitgescholden werden voor vette rolmops. Dat schelden gebeurde door een diep gefrustreerde idioot. Een trainer. Alles wat op zijn werk niet lukte reageerde de lieverd af op dat grut. Vijf keer per week slingerde hij de peuters om ongelijke leggers, hing hij ze aan een rekstok of joeg hij ze over een dood paard. Dit alles in muffe gymnastiekzaaltjes in Brunssum of Oldenzaal.

„Nee”, zei ik tegen mijn vrouw, „het zijn niet de turnsters, maar de turntrainers. Ze schamen zich diep dat ze ooit zo zijn omgegaan met onschuldige kinderen. Kinderen die wilden lachen, spelen, geiten, rennen, zwemmen en domme dingen zeggen. Die trainers hebben ze dat afgeleerd en hen verteld dat er belangrijker zaken zijn. Namelijk gymnastiek! Het oergezonde turnen waar de Grieken zich al opperbest mee vermaakten. Ze hebben het geschreeuwd, gebruld, gekrijst en als het moest in die kleine koppies geslagen.”

„Denk je?”, vroeg mijn vrouw. „Dus het zijn niet die meisjes die vanaf hun derde alleen in spagaat aan tafel mochten zitten en die uitsluitend afgewogen voedsel mochten eten? Die geen nacht gezond hebben mogen doorhalen of dranksessies stuk mochten vrijen met totaal verkeerde mannen. Of die gewoon weken apathisch in hun studentennest mochten stinken. Omdat dat hoort en omdat dat goed is. Voor het hoofd. Het lijf. De algehele moraal.”

„Of het zijn de bestuurders”, opperde ik voorzichtig, „die nu de mensheid keihard wakker janken. De KNGU-bestuurders van toen, die net als dat tuig van nu, tot op de seconde wisten wat er aan de hand was. Hoe er gescholden en gekleineerd werd. Monddood gemaakt en opzettelijk gefrustreerd. Het stond allemaal al in het boek De onvrije oefening van die Simone Heitinga en Stasja Köhler. Dus iedereen wist het. De domste tv-kijker, maar ook de altijd iets te enthousiaste reporter met zijn vlinderdasje en zeker al die enge jury’s. Ze wisten alles en speelden, net als het huidige bestuur, de verbaasde onschuld. Lafbekken zijn het. Toen en nu helemaal. Je mag ze geen seconde geloven.”

‘Nee”, zei een aardige oudere Nederlander die zich in het gesprek mengde. „Die huilhonden zijn geen turnsters, ook geen fascistoïde trainers, ook geen doodenge bestuurders, maar het zijn de ouders. Dat zijn de grootste boosdoeners van het gehele mishandelcircus. De minkukels die zelf niks in het leven bereikt hebben en al hun eigen mislukkingen in hun kinderen proppen. Dat gebeurt niet alleen bij turnouders, maar ook bij voetbalouders, handbalouders, volleybalouders, hockeyouders, golfouders en welke sportouders dan ook. Daarom hebben ze kinderen. Om toch iets van hun eigen leven te maken. Met allerhande kutsmoezen en rare motieven verknallen ze de jeugd van hun kroost. Door ze wereldvreemd te maken. En door bijna alleen maar om te gaan met andere idiote sportouders. Ze dienen opgepakt, uit de ouderlijke macht gezet en lichamelijk gestraft te worden. Niet mild, maar stevig. Lichamelijk. Ik wil ze horen huilen en kermen! En zeker de man die dubbelschuldig is. Die zowel trainer als vader was!”

Of we koffie wilden? Toen vroeg ik hem of-ie goed naar het mondkapje van de hardwerkende tuinman had gekeken. Wat ermee was? In de rechtermondhoek heeft-ie een gaatje voor zijn sigaret gemaakt. Hij lachte en fluisterde heel zacht: „Als de turntrainer dat maar niet ziet!”

 
Website door Just