Meer columns

Om-nietmachine

“Dus Volendamse Mona is er niet meer bij?”, mompelde Remkes tegen Wopke, “is die niet een weekje met Douwe Bob naar La Palma?” Hij nam een slok van zijn watertje. “Spa Blauw”, lachte hij, “donkerblauw!”

Iedereen in Den Haag wist wat er in zijn glas zat, maar daar sprak je niet over. En zeker niet tegen de pers. Deed je dat per ongeluk toch, dan bood je later braaf je excuses aan.

“Maar het klopt”, zei Wopke, “Mona is weg. Die had last van een eigen mening en daar houdt Mark niet van. En Hugo, Ferd en ik trouwens ook niet. En dan belt Mark even met de koning!”

“Dat hadden jullie vliegensvlug geregeld”, sprak de oude Remkes, “bij die Sywert toentertijd reageerden jullie een stuk laconieker”.

Sywert? Sywert? Wopke deed of hij even moest graven.

“Die enge Van Lienden”, lachte de informateur’, “die samen met die gluiperige Bernd Damme en die achterbakse Camille van Gestel met een hoop morele bombarie die mondkapjesorder van honderd miljoen bij jullie lospeuterde. Waarvan de heren twintig miljoen in hun eigen zak staken. Terwijl ze voortdurend hadden lopen brullen dat ze het ‘om niet’ deden. Eén smerige doortrapte truc. Een om-nietmachine!” De oude Remkes moest hier zelf keihard om lachen. Hij vond het een vondst van jewelste en trakteerde zichzelf op een nipje Spa. “Onnodige Mondkapjes die inferieur en kankerverwekkend bleken”, ging hij vrolijk verder, “en toen die drie Daltons door alle manden tegelijk vielen was het even doodstil binnen jullie CDA. Een paar dagen later mocht Sywert zelf afscheid nemen. Met een door een sluwe jurist opgestelde verklaring. Heeft ie zijn morele kompas eigenlijk al rond?”

Wopke rommelde wat in zijn papieren, die veilig in een tas zaten omdat fotografen nog wel eens iets te nieuwsgierig willen zijn. Hij vroeg de informateur of ze alsjeblieft ter zake konden komen. Hij had namelijk een afspraak met Mark om voor een fotootje op een tafel te gaan dansen. Grapje voor Sigrid.

“Rustig, rustig”, lachte de doorgewinterde Remkes, “we hebben na zes maanden treuzelen toch niet opeens haast?”

Hoekstra zuchtte, terwijl de informateur verder ging: “Er zou toch een officieel onderzoek naar die Sywert komen? Iets met keurige accountants? De onderste steen boven? Transparantie? Dat soort lulkoek. Begin september zou dat rapport klaar zijn. Het is nu oktober, dus ik zou zeggen: hup labbekakkers, vort met de geit!”

Wopke keek ongeduldig op zijn telefoon en raakte zichtbaar ontroerd door de frisse blik van zijn verse bruidje Liselot, de laatste strohalm die hem nog een beetje begrijpt. Remkes vervolgde: “Gisteravond was ik hier in een klein kroegje om de hoek en daar hoorde ik dat die Sywert, Camille en Bernd niet moeten denken dat hun misdaad overwaait. Sinds kort adviseert een Nederlandse topadvocaat een oude columnist die in de NRC al maanden wekelijks op de zaak terugkomt en daarmee de doofpot goed in beeld houdt. Deels uit puberale balorigheid, maar ook omdat hij vindt dat gestolen goed gewoon niet mag gedijen. Het komt erop neer dat de oplichters binnenkort vrij simpel te plukken zijn. Zeker als de door hen genaaide vrijwilligers en benadeelde bedrijven meedoen. Er hoeft er maar ééntje aangifte te doen en de heren hangen. Zoals dat aardige Cool Blue, dat volgende week naar de beurs gaat. Hun pakkende reclameslogan is: ‘Alles voor een glimlach’.  Die hebben vast wel zin in een potje ouderwetse vrolijkheid. En ook Follow the Money gaat het trio nog zeer onaangenaam verrassen”.

Remkes genoot zichtbaar van de onrust die zijn woorden bij Wopke veroorzaakten. Want hij weet natuurlijk ook wel dat er dan politieke koppen gaan rollen. Arme Hugo. Hoe loste Lubbers dit soort meurende akkefietjes eigenlijk op? Hij moest Jan Peter maar eens bellen. Of Hans Wiegel. Of de gemeente Roermond. 

“Maar”, vervolgde de informateur, “wat kwam onze Wipke eigenlijk doen?” Hij moest weer om zichzelf lachen.

Hoekstra zuchtte: “Johan, je bent dronken”.

Waarop de oude vos hem indringend aankeek en lachte: “Dan is de waarheid niet ver weg”.

 
Website door Just