Meer columns

Mondkapjesconference

Afgelopen dinsdag werd ik ziek. Of misschien zelfs maandag al. Zo’n griep die heel venijnig je lijf binnen sluipt. Koortskop, stijve spieren, snotexplosies. Dat werk. Of is het Corona? Dat zou geestig zijn met elke avond een overvol Carré voor mijn besmette snufferd. Dat je achteraf gezien op het schellinkje beter zat dan op de eerste rij. Ben ik schuldig als er slachtoffers vallen? Had ik de eerste mondkapjesconference moeten houden? Waarom ik toch gespeeld heb? Ik ben nog van de generatie dat ‘the show must go on’. Bij hartklachten mag je de bühne af. Eerder niet.

Dinsdag wist ik nog niet dat ik ziek was. Voelde me alleen belabberd. In de auto naar Rotterdam. Ik luisterde naar Dit is de dag. Het actuele halfuurtje van de EO. Normaal gepresenteerd door Tijs van den Brink. Maar die moest die avond dienen in de nationale talkshowoorlog. Margje Fikse verving hem. Met verve. Ze mocht een discussie leiden tussen drie dames. Twee omgebouwde en een als vrouw geboren vrouw. Vooral daar ging de discussie over. Wanneer ben je vrouw? De genderdames zeiden dat je vrouw bent als je je vrouw voelt. En dat het niet uitmaakt of er iets tussen je benen bungelt. Dat ding doet er namelijk niet toe. Binnenkort rekent de minister dat ook goed. Er hoeft zelfs geen dokter meer aan te pas te komen. Niemand anders bepaalt of je vrouw bent. Dat bepaal je zelf. Voel je je vrouw dan ben je ook vrouw.

De dame, die het daar niet mee eens was zei dat het wel degelijk uitmaakte. Met piemel ben je volgens haar gewoon een kerel. Ook als je je in een jurk hijst. Dan ben je een man in een jurk. Vroeger heette dat een travestiet. Ik dacht na. Met koorts. Prettige koorts. Wat moest ik vinden? Ik herinnerde mij dat ik vroeger met mijn broertje voetbalde in een plantsoentje bij ons ouderlijk huis. Hij was Cruijffie en ik Ing Danielsson. Zeker nadat die vier keer tegen Benfica had gescoord. Tijdens onze voetbalpotjes voelden wij ons ook Johan en Inge. Maar waren we het ook? Ik legde deze vraag voor aan mijn vrouw die naast me in de auto zat. Ze zei dat deze vergelijking nergens op sloeg. Ik zei dat ik ziek was. Op dat moment riep een van de drie dames op de radio dat het helemaal niet belangrijk is wat er in iemands onderbroek zit. Ik keek naar mijn vrouw. Zij moest lachen. We dachten allebei tegelijk aan jeugdvriend Henk die in zijn studententijd in Bangkok een beeldschoon meisje meenam naar zijn hostel. Niet alleen voor een drankje. Daar bleek ze voor hem wel degelijk een verrassing in haar slipje te hebben. Een keiharde surprise waar hij niet op gerekend had. En waar hij ook geen zin in had. Had hij haar in de disco moeten controleren? Even de hand tussen de benen?

“Het doet er niet toe wat er in je onderbroek zit”, herhaalde ik de radiodame, die officieel aangifte tegen de mevrouw van de tegenpartij wilde doen. Waarom? Omdat die mevrouw vond wat ze vond. Dat de lul de man bepaalde. En niet een of ander vaag kutgevoel. Ik fantaseerde verder over de mevrouw die misschien inderdaad zou worden aangegeven. En veroordeeld. Ik zag haar tijdens het luchten in de bajes aan Dino Soerel uitleggen dat ze een paar maanden moet zitten omdat ze vindt dat je geslacht bepaalt of je man of vrouw bent. Geen idee hoe Dino en zijn kompanen daarop reageren. Iets met een slappe lach?

In Rotterdam mocht ik naar het Nieuwe Luxor Theater. Naar de grandioze voorstelling van Waardenberg & De Jong. Wat een topavond. De hele zouteloze tut-discussie werd in een keer uit mijn kop geramd. Vooral ook omdat de woorden lesbo, gender, quinoa in knalhard Rotterdams door de overvolle zaal schalden. Ik heb de ballen uit mijn broek gelachen. Wat een geluk dat die niet meer belangrijk zijn.

 
Website door Just