Meer columns

Manke kruiskrabbers

Begrijp ik nou dat 121 miljonairs en miljardairs een brief hebben geschreven aan andere rijke luizen? Een schrijven waarin ze pleiten voor hogere belastingen. Grappig. Zal Isabel dos Santos dat episteltje ook hebben ontvangen? Of vond haar vaste bankier het in zijn mailbox en is hij daar zo van geschrokken dat hij zich onmiddellijk heeft verhangen? In de parkeergarage. Tussen de bolides. In de geur van sjoemeldiesel. Voltooid leven heet dat toch?

Ik hou van suïcidale bankiers. Het heeft iets romantisch. Zo herinner ik me bankdirecteur Roberto Calvi, die in 1982 na het faillissement van zijn obscure Italiaanse bank levenloos aan een brug over de Theems bungelde. Het Vaticaan speelde ook nog een vuige rol in dit schandaal. Verrassend. Maar de verantwoordelijke kardinalen hebben dat ongetwijfeld van zich af gebiecht. Bij elkaar uiteraard. Heerlijk zo’n luie biechtstoel vol begrip. Ik vrees dat de meesten inmiddels dood zijn. Die hebben het aan de schepper zelf mogen uitleggen.

Voel me door het miljonairsclubje wel een beetje aan de kant geschoven. Waarom ben ik niet gevraagd om dit belastingepistel mee te ondertekenen? Ik boer wel niet zo goed als Paultje Polman heeft gedaan, maar ik had het leuk gevonden als de jongens en meisjes van het grote geld mij ook gevraagd hadden voor dit nobele clubje. Goed voor mijn imago. Dat het volk weet dat mijn hart nog steeds aan de linkerzijde klopt. Een soort Bono. Heeft die eigenlijk mee getekend? Ik denk het niet. Onze U2-bard was vast te druk met al zijn trukendozen vol schimmige fiscale constructies. Over vals zingen gesproken.

Een dronken accountant legde mij ooit uit dat je, als je net begint, inderdaad vindt dat je kantoor penetrant riekt. Misselijkmakend zelfs. Maar dat die geur gauw went. En dat je het op een gegeven moment zelfs lekker vindt ruiken. Verslavend bijna. Hij vertelde mij drie glazen later dat accountancy eigenlijk ook een soort geloof is. Opereren op het randje van het ravijn. Dat is ronduit spannend. Daar groeien nou eenmaal de mooiste bloemen.   Toen ging hij naar huis omdat hij de volgende dag fris moest zijn. Hij was Jehova’s Getuige en moest langs de deuren. Zieltjes winnen. Ik wenste hem sterkte. Vooral op de uiteindelijke Dag des Oordeels.

Als je in mijn jeugd een mankepoot door de straat zag hinkelen dacht je bijna vanzelf: dat zal wel een Jehova zijn. Omdat die types bij iedereen fanatiek hun voet tussen de deur plaatsten. Maar sinds dat eergisteren verschenen rapport over deze geloofsgemeenschap kan je dat ook denken bij alle mannen die je schaamteloos in hun kruis ziet krabben. Grappig dat ze het openbaar maken van dat rapport wilden tegenhouden. Waarom? Voor wie? Toch niet voor god? Die ziet alles. En ziet god het niet dan ziet Allah het wel. Of de engelen van die kluizenaarsvader uit Ruinerwold. Die lieverd met die vrijwillig opgesloten kinderen.

Begrijp ik nou van zijn Oostenrijkse klusjesman dat we over de schermutselingen in dat Drentse spookboerderijtje niet mogen oordelen omdat het ook daar een kwestie van geloof was? Interessant. En dan mag je dus iemand ondersteboven aan het plafond hangen! Omdat je engelen dat goed vinden. Of de geest van je overleden vrouw die een warm plekje op de aarde zoekt. Ik wou dat ik zo was. Gewoon iemand die alles gelooft. Dus ook dat miljonairs geen belastingtrucs uithalen. Maar ik geloof niks en ik geloof niemand. Ik heb alleen een zeer groot respect voor die moedige Nikkie de Jager, die de naam van haar smerige afperser nog niet genoemd heeft. Ik had dat wel gedaan. En ik had diegene aan zijn of haar tanden in de nok van Carré gehangen. Zonder vangnet. En dan sorry laten zeggen. Praten is dom als je daar zo hangt. En bij die Nikkie wil ik zo snel mogelijk een schminkcursus doen. Om me tot vrouw om te toveren? Nee hoor, gewoon tot een zeer droeve clown.

 
Website door Just